Engelse werkwoorden

Met welke taal vertoont het Engels opmerkelijke grammaticale gelijkenissen?

Natuurlijk lijkt het Engels op zijn Germaanse familieleden, waaronder het Nederlands. Maar het is merkbaar beïnvloed door zijn Keltische buurtaal, het Welsh.

Dat blijkt vooral in de werkwoordsvervoegingen. Het Engels vormt vragen en ontkenningen met het hulpwerkwoord to do: ‘Do you come? No, I don’t come.’ Andere Germaanse talen doen dit niet, het Welsh wel. Verder drukt het Engels actuele bezigheden niet uit met een eenvoudige tegenwoordige tijd (‘I sing’), zoals andere Germaanse talen veelal doen, maar altijd met een samengestelde vorm: ‘I am singing’, vroeger ‘I am on singing’. Ook dit lijkt sterk op de Welshe manier van zeggen.

Vreemd genoeg heeft het Engels vrijwel geen wóórden uit het Welsh overgenomen. Combe voor ‘dal’ en tor voor ‘rots’ zijn zowat de enige.

Aan dit stukje op de Taalkalender had ik moeten toevoegen dat ik dit beweer op gezag van de Amerikaanse taalkundige John McWhorter, én dat zijn theorie omstreden is. Ik vind weliswaar dat hij sterke argumenten heeft, en de afwijzing waarop de theorie bij veel andere taalkundigen stuit zal gedeeltelijk met conservatisme te maken hebben. Anderzijds kan ik een deel van zijn beweringen niet controleren, dus op die punten zouden zijn argumenten zwakker kunnen zijn dan ze lijken. Kortom: een bronvermelding was wel op zijn plaats geweest. Bij dezen.

Advertenties

Hongaars (Hungarian)

Waar komen de Hongaren, met hun afwijkende taal, toch vandaan? In dit filmpje wordt het uiteengezet. In het Hongaars, dat wel. (En ja, het Hongaars is verwant aan het Fins, want ze behoren allebei tot de Fins-Oegrische familie. Maar wel héél in de verte. Een beetje als Nederlands en Russisch, die allebei tot de Indo-Europese familie behoren.)